Ik ben mijn wachtwoord vergeten

Blog

Grootste stadsboerderij in Europa

afbeelding van Teun de Waard

Dit weekend start de productie in de grootste stadboerderij van Europa. Die boerderij staat in Den Haag in een oude Philips fabriek. Een Zwitsers bedrijf doet de exploitatie en verwacht jaarlijks 50 ton groenten en 20 ton tilapiavis te kunnen produceren. Hoe indrukwekkend de productiecijfers ook mogen klinken de grootste stadsboerderij voedt niet meer dan 1 % van de Haagse bevolking. De afzet gaat in eerste instantie naar restaurants, later dit jaar kunnen ook consumenten de producten kopen. Op basis van de ervaring in Basel wordt verwacht dat het bedrijf na 3 jaar break-even draait. Het geheel wordt gepresenteerd als een innovatie.
 
Bij het innovatieve karakter valt best een kanttekening te plaatsen. De teelt van groenten op water is niet nieuw en ook de teelt van vis onder groenten werd eerder gedaan. Wel innovatief is om dit in en op een oud fabriekspand te doen. Ik kan mij voorstellen dat daar veel praktische problemen opgelost moeten worden voordat het concept werkelijk goed draait. Waardering voor de mensen die dat aanpakken.
 
Een van de motieven voor een stadsboerderij is de korte afstand tussen producent en consument waardoor bespaart wordt op de CO2 uitstoot van het transport. Wanneer ik dit argument lees wordt mijn verbeelding geprikkeld. Het is voorstelbaar dat er Europese steden zijn die ver van productiegebieden liggen waar transport een belangrijke rol speelt. Maar Den Haag? Elke Hagenaar kan op zijn fiets naar het Westland rijden en daar aan kraampjes bij bedrijven een keur aan groenten vinden en en passant ook nog een bloemetje meenemen om een glimlach van zijn vrouw te krijgen. Geen noemenswaardig CO2 uitstoot en gratis lichaamsbeweging.
 
In Den Haag en in andere steden gebeurt dat maar heel weinig en we moeten constateren dat er een groot gat is tussen producenten van voedsel en de consumenten. Dat de kennis van de consument over de teelt van voedsel uiterst miniem is. In dat licht bezien is een stadsboerderij een positieve ontwikkeling. De productie van, een beperkte hoeveelheid, voedsel komt binnen de aandacht cirkel van een aantal consumenten. Dat is winst. Het heeft de potentie in zich dat daarmee ook de kennis van voedselproductie vergroot wordt. Wanneer de kennis over voedsel en de productie ervan toeneemt stijgt de waardering en het vertrouwen. Allemaal zaken die veel lastiger meetbaar zijn dan de economische resultaten van de stadsboerderij maar daarmee niet onbelangrijk.
 
Dat stadslandbouw een concurrent wordt van de gangbare of de biologische landbouw valt niet te verwachten. Zoals een woordvoerder van de Haagse stadboerderij zegt “het is een niche van een niche”. Een niche met een brugfunctie tussen producent en consument. Een mogelijkheid om kennis en inzicht te geven over voedsel. Een moment om vooroordelen te ontmaskeren. Een plek om voedsel uit de anonimiteit te halen. Een kans voor, enkele, gangbare en biologische telers om te gaan samenwerken met deze nieuwe collega boeren en tuinders!